Een heftruck is in de eerste plaats ontworpen voor intern transport. Zodra het
toestel de openbare weg gebruikt, gelden niet alleen de interne bedrijfsregels,
maar ook de Belgische regels voor voertuigen en weggebruikers.
Een heftruck mag niet automatisch de openbare weg op omdat hij op een bedrijfsterrein
wordt gebruikt. Controleer vooraf of het toestel voor gebruik op de openbare weg
kan worden toegelaten.
Wat moet vooraf worden gecontroleerd?
- Het voertuig moet, behoudens een toepasselijke uitzondering, ingeschreven zijn en de toegekende kentekenplaat dragen.
- Het motorrijtuig moet gedekt zijn door een geldige burgerlijke-aansprakelijkheidsverzekering.
- Het toestel moet voldoen aan de toepasselijke technische voorschriften en geschikt zijn voor deelname aan het verkeer.
- De bestuurder moet beschikken over de vereiste rijbevoegdheid en voldoende opleiding voor het specifieke toestel.
- Verlichting, signalisatie, zichtbaarheid, banden, remmen en stuurinrichting moeten in orde zijn.
Hoe rijdt u veilig?
- Rijd met de vorken zo laag mogelijk zonder het wegdek te raken.
- Zorg dat de vorkpunten en uitstekende delen niemand kunnen verwonden.
- Vervoer alleen een last wanneer het voertuig, de route en de lading daarvoor geschikt zijn.
- Beperk snelheid en houd rekening met langere remweg, beperkte zichtbaarheid en het uitzwenkende achterdeel.
- Gebruik waar nodig een veiliger vervoermiddel, zoals een vrachtwagen of aanhangwagen.
De precieze voorwaarden hangen af van de voertuigcategorie, de technische uitvoering
en het gebruik. Laat de concrete situatie vooraf controleren door verzekeraar,
DIV, keuringsinstantie of een bevoegde mobiliteitsdeskundige.
Niet elke heftruck is geschikt voor dezelfde werkplek. De juiste keuze hangt af van
de last, hefhoogte, gangbreedte, ondergrond, gebruiksduur en beschikbare ruimte.
Heftruck voorlader
De klassieke heftruck neemt de last vóór het voertuig op. Hij is veelzijdig en
geschikt voor laden, lossen, transport en stapelen.
Reachtruck
Een reachtruck is ontworpen voor magazijnen en hogere stellingen. De mast of het
vorkenbord kan naar voren reiken, terwijl het voertuig compact blijft.
Stapelaar
Een stapelaar wordt gebruikt voor intern transport en stapelwerk op beperkte hoogte.
Er bestaan meelopende, meerijdende en platformmodellen.
Orderpicker
Een orderpicker helpt goederen verzamelen. Bij sommige types gaat de bestuurder
mee omhoog om op verschillende niveaus te picken.
Zijlader en vierwegheftruck
Deze toestellen zijn geschikt voor lange lasten zoals hout, buizen en profielen.
Een vierwegheftruck kan ook zijwaarts rijden.
Meeneemheftruck
Dit compacte toestel wordt achter op een vrachtwagen vervoerd en wordt gebruikt
om goederen zelfstandig bij de klant te laden of lossen.
Smallegangentruck of combitruck
Deze trucks werken in zeer smalle gangen en kunnen lasten op grote hoogte behandelen.
Bij man-upmodellen gaat de bestuurderscabine mee omhoog.
Kies het toestel niet alleen op hefvermogen. Controleer ook lastzwaartepunt,
restcapaciteit, hefhoogte, ondergrond, gangbreedte, zicht en hulpstukken.
Een heftruck blijft alleen stabiel zolang het gezamenlijke zwaartepunt van voertuig
en last binnen het stabiliteitsgebied blijft. Elke beweging van de last beïnvloedt
dit evenwicht.
Het stabiliteitsdriehoekprincipe
Bij veel heftrucks vormt de vooras samen met het scharnierpunt van de achteras een
denkbeeldige stabiliteitsdriehoek. Komt het gezamenlijke zwaartepunt buiten dit
gebied, dan kan de heftruck kantelen.
De last werkt als een hefboom
Hoe zwaarder de last en hoe verder het lastzwaartepunt van de vorkhiel ligt, hoe
groter het voorwaartse kantelmoment. Een lange of verkeerd opgenomen last kan de
veilige capaciteit sterk verminderen.
Hefhoogte verlaagt de stabiliteitsmarge
Wanneer de last stijgt, komt ook het gezamenlijke zwaartepunt hoger te liggen.
Draaien, remmen of rijden met een geheven last verhoogt daardoor het kantelrisico.
Bochten veroorzaken zijwaartse krachten
Te snel draaien verplaatst het zwaartepunt naar buiten. Een scherpe bocht, oneffen
ondergrond of helling kan voldoende zijn om de heftruck zijwaarts te doen kantelen.
Hulpstukken veranderen de capaciteit
Een klem, vorkversteller, verlengvork of ander hulpstuk voegt gewicht toe en kan het
lastzwaartepunt naar voren verplaatsen. Gebruik daarom altijd het juiste
capaciteitsplaatje.
Basisregels: last in de vorkhiel, vorken breed genoeg, mast achterover tijdens
transport, last laag houden, rustig sturen en nooit draaien met een hoog geheven last.
Stop wanneer de last instabiel is, het gewicht onbekend is, het capaciteitsplaatje
ontbreekt of de ondergrond onvoldoende draagkrachtig of vlak is.